|
HISTORIEK GPSV vzw Voorgeschiedenis Tot eind de jaren zestig van vorige eeuw was het erg gesteld met de schietopleiding van de lokale politie en van de Gentse politie in het bijzonder. De officieren waren in het bezit van het FN-pistool kaliber 6,35 mm, ook babypistool genaamd. De manschappen hadden de beschikking over het FN-pistool kaliber 7.65 mm model 10-22. Bij de periodieke oefeningen werd er geschoten (zonder gebruik te maken van oorbeschermers) op vaste schietschijven, op een afstand van 15 m en op het commando van 1, 2, 3, VUUR, waarbij telkens een salvo van jewelste losbrak. In de jaren 1968-69 was het Gentse politiekorps zo op besparingen aangewezen dat er geen gelden werden vrijgemaakt (of was dat eerder gewild vanwege de korpsleiding?) om munitie aan te kopen om het politiepersoneel te laten oefenen. Want dat was toch maar verspilling …[1] Het veranderde toen in 1970 een nieuwe hoofdcommissaris[2] de leiding van het korps op zich nam. Ikzelf die bij hem adjunct was geweest op de 8ste politiewijk (de Muide) werd als derde secretaris aan het hoofdbureau toegevoegd. In 1971 werd ik aangesteld tot lesgever voor de cursus Ambtsplichten. Deze cursus hield ook het geven van schietonderricht in. Als reserveofficier bij de Infanterie vormde dit geen probleem. Zelf kreeg ik met goedkeuring van toenmalig burgemeester[3] de gelegenheid om de cursus schietmonitor in Edegem[4] te volgen die gebaseerd was op de nieuwe schietopleiding die de Franse commissaris Sasia zelf was gaan aanleren bij de FBI in Quantico (VS). Van dan af werd de Sasia-methode ook in Gent in de opleiding en bij de korpsoefeningen ingevoerd. De manschappen bleken enthousiast. Al bleef deze methode semi-statisch: men bleef op vaste doelen schieten maar de schutters konden zich verplaatsen en vuurden: snelvuur op 7 m, vervolgens naar gelang van de mogelijkheden liggend op 30 of 25 m, geknield op 20 m, achter dekking op 15 m (met linker- en rechterhand) en ten slotte op 10 m op twee relatief kleine bollen van de Sasia-schijf. Het was een methode die geen grote eisen stelde aan de bestaande schietbanen, die relatief gemakkelijk in elk politiekorps waar een schietbaan voorhanden was, kon ingevoerd worden en die toch ietwat realistischer was dan oude schietopleiding.
* * * Zo ontstond de idee en de vraag om in het Gents politiekorps een schietclub op te richten. Uit een enquête onder het personeel kwam een massale belangstelling tot uiting. Een ontwerp van statuten werd opgesteld en na een schietwedstrijd in Edegem waaraan een 20-tal Gentenaars waaronder huidig erepolitiecommissaris Frans Kielemoes deelnamen, werden deze statuten in hun definitieve vorm gegoten en was de Gentse Politieschietvereniging als feitelijke vereniging een feit. Dit was in januari 1973. Na een gesprek met de procureur des Konings, belast met de wapenvergunningen, werd de schietclub omgevormd tot een vereniging zonder winstoogmerk. Voortaan konden ook burgers volop deeluitmaken van de vzw.
* * * De merkwaardigste evenementen en feiten in het bestaan van de GPSV waren:
27 oktober 2005 Walter Eeckhaute stichtend voorzitter ______________________________ [1] Even erg was het gesteld op andere domeinen. Bijv. op zeker ogenblik konden er geen reserveonderdelen worden aangekocht voor de enkele motors die het korps bezat. De mecaniciens van de politiegarage waren genoodzaakt kachelpijpen i.p.v. degelijke uitlaten te monteren. [2] Dr. crim. Julien Codde [3] Geraard Van den Daele [4] Dit gebeurde bij adjunct-commissaris André Craen, de latere hoofdcommissaris van de stad Genk. [5] Een aanvraag werd daartoe al op 18 oktober 2000 ingediend bij de dienst Wapenvergunningen van de provincie Oost-Vlaanderen en zulks conform aan het K.B. van 13 juli 2000 tot bepaling van de erkenningvoorwaarden voor schietstanden, verschenen in het Belgisch Staatsblad van 1 augustus 2000. Dit besluit was gestoeld op de bekende wapenwet van 1933, o.m. gewijzigd door de wet van 18 juli 1997, en ging gepaard met het verschijnen van een ministeriële circulaire die de procedures, de voorwaarden en de verschuldigde rechten en retributies voor de schietclubs nader toelichtte. [6] Een en ander gebeurde op grond van de wet van 2 mei 2002 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk (…) (B.S., gewijzigd door de wet van 16 januari 2003 (B.S. 5 februari 2003) en de programmatiewet van 22 december 2003 (B.S. 31 december 2003) die de initiële wet van 27 juni 1921 op de vzw’s omvormde. [7] In alfabetische volgorde citeren we: André Baeyens, Marc Blansaer (bestuurder belast met de technische ondersteuning), Etienne Monnoye en Victor Van Geem.
Laatst bijgewerkt op 15/12/2005 |